Door de vergrijzing neemt ook het aantal mensen met dementie toe. De Nederlandse zorg- en welzijnssector staat voor een uitdaging om hoogwaardige en toekomstbestendige zorg en ondersteuning te blijven bieden. ROC Mondriaan en mboRijnland hebben dit probleem gesignaleerd. Zij willen hun studenten optimaal voorbereiden op toekomstbestendige zorg voor mensen met dementie. Daarom bundelen de practoren van ROC Mondriaan, mboRijnland en CIV Welzijn & Zorg hun krachten in een gezamenlijk onderzoek. Dit innovatieve project richt zich op het verbeteren van het zorg- en welzijnsonderwijs op het mbo en het versterken van het regionaal lerend netwerk in Zuid-Holland.
Het onderzoek heeft als doel om inzicht te krijgen in hoe aankomende zorg- en welzijnsprofessionals het best worden voorbereid op hun rol in de zorg voor mensen met dementie. Door middel van literatuurstudie, curriculumanalyses en gesprekken met experts, zorginstellingen, docenten, studenten en mantelzorgers brengen de practoraten in kaart welke kennis en vaardigheden, naast het huidige onderwijsaanbod, eventueel nog nodig zijn. Daarnaast maken de onderzoekers gebruik van de ‘two-days-inside’-aanpak, waarbij zij twee dagen wonen op een zorgafdeling en zich verplaatsen in de leefwereld van iemand met dementie. Echter richt het onderzoek zich niet alleen op mensen met dementie die in een zorginstelling verblijven, maar ook op mensen die thuis wonen.
Leren van en met elkaar
De principes en werkwijzen van “waarderend onderzoeken” worden in deze aanpak toegepast. Dit betekent dat er niet wordt geoordeeld over de huidige stand van zaken binnen de opleidingen, maar juist wordt gekeken naar kansen en mogelijkheden voor verbeteringen.
Ook de samenwerking tussen de beide mbo-instellingen is bijzonder: voor het eerst werken de practoraten gezamenlijk aan een vraagstuk. Het onderzoek richt zich binnen de regio op de doelgroep (MBO studenten en benodigde kennis over mensen met dementie). En bekijkt óf en hóe de samenwerking en kennisdeling op dit gebied tussen onderwijsinstellingen van de regio kan plaatsvinden.
Door krachten te bundelen versterken zij het regionaal lerend netwerk en wordt kennisuitwisseling binnen het mbo-zorgonderwijs gestimuleerd. De inzichten die dit oplevert kunnen later onder andere via het landelijke platform van de practoraten (zorg, welzijn en sport) worden gedeeld en zo ontstaat de mogelijkheid om de opgedane kennis ook in andere regio’s toe te passen.
Carlijn Lensink van Alzheimer Nederland spreekt haar steun uit voor dit practoraat: “Het is voor Alzheimer Nederland erg belangrijk om te weten wat er speelt in het mbo-onderwijs, zodat wij andere dementieonderzoekers kunnen vertellen aan welke kennis hier behoefte is. Zo zorgen we dat nieuwe kennis uit wetenschappelijk onderzoek ook goed aansluit op de behoeften van de praktijk, waar onderwijs een belangrijke pijler is. Daarnaast waardeert Alzheimer Nederland de inzet van practoren enorm. Door dicht op de praktijk te zitten en continu in gesprek te zijn met de diverse doelgroepen, wordt snel nieuwe kennis opgehaald. Die kennis kan worden gebruikt om andere onderzoekers te inspireren en te voeden. Zo zorgen we samen voor betere dementiezorg en ondersteuning”.
Een groeiende zorguitdaging
De urgentie van dit onderzoek wordt onderstreept door demografische ontwikkelingen. Volgens het CBS heeft in 2040 naar verwachting 54% van de Nederlandse bevolking een chronische ziekte, waarbij dementie het grootste aandeel vormt. Door veranderingen in zorgorganisaties, als gevolg van nieuw overheidsbeleid of veranderingen in financieringen, blijven mensen met dementie langer thuis wonen. Deze verandering vraagt mogelijk om andere zorgvaardigheden en mogelijk een vernieuwde onderwijsaanpak.
Practoren aan het woord
De practoren benadrukken nog eens waarom dit onderzoek zo belangrijk is. “Het aantal mensen met dementie neemt toe en het is onze verantwoordelijkheid om studenten hier goed op voor te bereiden. Dit onderzoek helpt ons te begrijpen welke kennis en vaardigheden nodig zijn om de kwaliteit van leven van mensen met dementie en hun naasten te verbeteren. Door samen te werken met het werkveld en het onderwijs, zetten we een belangrijke stap naar toekomstbestendige dementiezorg,” aldus Ad Blom, practor Technologie voor Welzijn & Zorg ROC Mondriaan.
Désirée Bierlaagh, practor Welzijn & Zorg bij mboRijnland: “De zorg verandert en dat betekent veel voor beroepen in de zorg en hoe we daartoe opleiden, zodat mensen goed toegerust en met plezier (kunnen) blijven werken in de sector. Dit grote vraagstuk kunnen onderwijs- en zorgorganisaties alleen in gezamenlijkheid het hoofd bieden. En dat is wat we in dit project doen.”



“Deze waardering maakt ons niet alleen trots, maar ook dankbaar. Het motiveert ons om verder te bouwen aan een krachtige mbo-sector, waarin sport en vitaliteit een sleutelrol spelen in het welzijn van mensen. Ze brengen mensen letterlijk en figuurlijk in beweging en bouwen zo aan gezondheid, vertrouwen en veerkracht. De studenten van Sport en Bewegen zijn daarin geen toeschouwers, maar aanvoerders. En dat verdient alle erkenning!”, aldus Jordy Gijsberts, onderwijskundig teamleider Sport & Bewegen.
“In het Experimenteerhuis maken studenten op een laagdrempelige manier kennis met zorginnovatie,” aldus Ilse Nugter, onderwijskundig teamleider van het team Verpleegkunde & Verzorgende. “Ze nemen die kennis mee naar hun stageplekken, trainen zorgmedewerkers en laten burgers in Zoetermeer kennismaken met diverse technologieën. Zo bouwen zowel docenten als studenten mee aan een toekomst waarin mensen langer thuis kunnen wonen én leiden we studenten op tot echte toekomstbestendige zorgprofessionals.”
Productievere beroepsbevolking
Op een aansprekende manier over het woningtekort praten en brainstormen en vervolgens originele oplossingen bedenken. Dat deden 150 studenten op 26 maart in de aula op locatie Woerden. Gedeputeerde Rob van Muilekom (provincie Utrecht) leidde de ochtend in, samen met Raïsha Zeegelaar (programmamaker) en Jochem Jordaan en Sacha Roché (De Kiesmannen). Vervolgens gingen de studenten in tien groepjes uiteen om met elkaar ideeën uit te wisselen en een mindmap te maken volgens de Design methode.






Ook Finn de Bruyn, goud bij Autoschadeherstel, kon niet geloven dat hij goud had gewonnen: “Het drong pas na een paar minuten door hoe geweldig vet het eigenlijk is en hoe trots ik op mezelf ben. Deze gouden medaille is niet alleen een symbool voor ‘hoe goed ik ben’, maar het is ook een prachtige aanwinst voor mijn toekomst in de autoschade. Met de titel ‘Beste vakman Autoschadehersteller 2025’ zal ik zeker nog veel verder komen in het vak.”
“Het is fantastisch om te zien hoe hard werken en doorzettingsvermogen beloond worden. Gerard en ik hebben regelmatig intensief getraind. We hebben verschillende werkvormen en praktijksituaties geoefend. Dat heeft zeker bijgedragen aan dit succes”, vult Frank Westdorp aan.

