Categorie archieven: Nieuwsbericht

Vmbo-leerlingen ontdekken wereld van IT bij mboRijnland

Zestig leerlingen van ONC Clauslaan uit Zoetermeer brachten een inspirerend bezoek aan het Experience Center van mboRijnland in Gouda. Tijdens een interactieve ochtend maakten de vmbo-leerlingen kennis met de veelzijdige wereld van IT, technologie en digitale innovatie.

De leerlingen met een profiel Technologie & Toepassing kregen een rondleiding door de praktijkruimtes van de techniek- en ICT-opleidingen en namen deel aan verschillende workshops. Zo leerden ze meer over artificial intelligence (AI) en wifi-netwerken, en ontwikkelden ze een eigen applicatie. Daarnaast ontdekten ze hoe technische kennis en persoonlijke vaardigheden samenkomen binnen het IT-vakgebied.

Het bezoek vond plaats binnen het VABOK-programma, waarin mboRijnland samenwerkt met regionale vo- en hbo-scholen aan toekomstbestendig technologieonderwijs en sterke doorlopende leerlijnen van vmbo naar mbo en hbo. Met ondersteuning vanuit de landelijke VABOK-subsidie werkt mboRijnland samen met partners aan een betere aansluiting tussen onderwijsniveaus én aan het enthousiasmeren van jongeren voor technische en ICT-opleidingen. “Het blijft mooi om te zien hoe enthousiast en creatief leerlingen en docenten zijn als ze mogen experimenteren en leren in de praktijk,’ aldus Anne-Marije Kraijnbrink, programmamanager VABOK bij mboRijnland

Samen bouwen aan de IT-professionals van morgen

Samen ontwikkelen mboRijnland en partners lesmateriaal, workshops en praktijkgerichte activiteiten rondom thema’s als digitale vaardigheden, robotica, data, cybersecurity en ICT-systemen. Daarbij staat niet alleen techniek centraal, maar ook vaardigheden als samenwerken, communiceren en probleemoplossend denken.

mboRijnland werkt intensief samen met vijf vo-scholen uit de regio, De Haagse Hogeschool en Hogeschool Leiden. Het gezamenlijke doel: leerlingen beter voorbereiden op vervolgonderwijs én op een snel veranderende digitale arbeidsmarkt.

Enthousiaste reacties van leerlingen

De meeste leerlingen uit mavo 3 vonden het bezoek interessant en leerzaam. Zij kregen een goed beeld van de verschillende technologie gerelateerde opleidingen bij mboRijnland. De kennismaking kwam voor de leerlingen op een goed moment, vlak voor de keuze van het vakkenpakket en oriëntatie op een vervolgopleiding.

Ook leerlingen die al zeker weten dat zij een andere richting op willen, zoals zorg of economie, haalden toch waardevolle inzichten uit het bezoek. Zij ontdekten bijvoorbeeld dat techniek juist minder goed bij hen past, wat eveneens helpt bij het maken van een bewuste studiekeuze.

Docenten van ONC Clauslaan waren positief. Vooral het idee voor een structurele ‘kennismaken met technologie’-carrousel en verdiepende workshops sloot goed aan bij het Technologie & Toepassing-profiel van het vmbo. Beide scholen onderzoeken daarom hoe de samenwerking de komende jaren verder kan worden uitgebreid.

Met deze initiatieven laat mboRijnland zien hoe regionale samenwerking, praktijkgericht onderwijs en technologische innovatie hand in hand gaan om jongeren optimaal voor te bereiden op de toekomst.

Nominatie Merve Kiliç, docent burgerschap, voor Leraar van het Jaar 2026

Merve Kiliç (32) is in de docentenkamer als haar teamleider ineens met een telefoon op haar af komt lopen. De winnaar van vorig jaar vertelt Merve dat ze is genomineerd voor de verkiezing Leraar het Jaar 2026 in de categorie mbo-docent. Een week later wordt ze opnieuw verrast; haar teamleider, collega’s en een aantal studenten staan opeens met taart in haar klas terwijl ze aan het lesgeven is. Voor Merve is dat het moment waarop haar nominatie écht begint te landen.  

“Het voelt echt als een enorme eer,” vertelt Merve. “In de meivakantie had ik wel even tijd nodig om het een plek te geven. Maar inmiddels besef ik steeds meer hoeveel waardering hierin zit.”

Over Leraar van het Jaar 

De verkiezing Leraar van het Jaar bestaat sinds 1999 en zet inspirerende onderwijsprofessionals in de schijnwerpers. Jaarlijks worden leraren uit het primair onderwijs, voortgezet onderwijs, speciaal onderwijs en mbo genomineerd. De verkiezing wordt georganiseerd door de Stichting Leraren van het Jaar, in samenwerking met onder meer het ministerie van OCW en de Nationale Onderwijsweek. Een jury van oud-prijswinnaars selecteert eerst per sector een top 10. Daarna kiest een beroepsjury drie finalisten per sector, waarna in oktober tijdens het Lerarencongres de winnaars bekend worden gemaakt.  

Wie Merve heeft genomineerd, weet ze niet. “Ik heb echt rondgevraagd,” lacht ze. “Maar iedereen zegt oprecht dat ze het niet zijn geweest.” Dat blijft dus nog even gissen.  

Belevingswereld studenten 

Wat haar bijzonder maakt als docent? Daar heeft ze de afgelopen weken veel over nagedacht. “Ik probeer altijd aan te sluiten op de belevingswereld van studenten,” vertelt ze. “Burgerschap kan voor studenten soms voelen als: waarom moet ik dit leren? Dus ik maak het vak heel concreet. Bij de gemeenteraadsverkiezingen vertel ik studenten dat die gaan over thema’s als wonen, openbaar vervoer, uitgaan, kortom hun dagelijks leven. Dan merken studenten ineens: dit gaat óók over mij en overwegen ze eerder om te gaan stemmen.” 

Actueel onderwijs en veilig leerklimaat 

Actualiteit speelt een grote rol in haar lessen. Een lesplan kan zomaar veranderen als er iets speelt in het nieuws. “Studenten komen vaak zelf binnen met vragen, zoals over het recente virus op het cruiseschip. Dan moet je daar ruimte voor maken, dat maakt onderwijs juist levendig.” 

Daarnaast vindt Merve het belangrijk om moeilijke onderwerpen niet uit de weg te gaan. “Bij burgerschap gaat het over meningen, perspectieven en respect voor elkaar. Dan moet je zorgen voor een veilig leerklimaat. Pas als studenten zich veilig voelen, durven ze echt het gesprek aan, zoals over geld of lenen. We besteden vanuit de projectgroep Basisvaardigheden, waar ik deel van uitmaak, veel aandacht aan financiële educatie, bijvoorbeeld tijdens de Week van het Geld.” 

Die aanpak blijft niet onopgemerkt. Ook collega’s weten haar inmiddels te vinden voor advies over lastige gesprekken of activerende werkvormen. “Soms hoor ik terug dat studenten ineens actief meedoen in lessen waar ze normaal stil zijn. Dat vind ik mooi.” 

Start in de modewereld

Dat onderwijs haar passie zou worden, had Merve jaren geleden niet gedacht. Zelf begint ze op het mbo, bij een modeopleiding in Amsterdam. Daarna werkt ze in de mode- en theaterwereld, onder meer backstage bij modeshows en producties. Daarnaast werkt ze als visual merchandiser en richt etalages in bij de Bijenkorf. Door haar stagiaire ontdekt ze hoe leuk ze het vindt om kennis over te dragen. “Ik kreeg er energie van. Toen dacht ik: misschien moet ik hier iets mee.”  

Merve gaat gastlessen geven op de school waar ze het modevak heeft geleerd. Via de lerarenopleiding Omgangskunde komt Merve uiteindelijk in het mbo terecht. Sinds 2018 werkt ze als docent burgerschap bij de opleidingen Doktersassistent en Apothekersassistent in Leiden. 

Ondertussen zit Merve allesbehalve stil. Ze rondt deze zomer haar master Onderwijs en Technologie af, met een focus op digitale geletterdheid en mediawijsheid. “Ik vind het belangrijk dat studenten kritisch leren kijken naar informatie en digitale systemen, zeker in de zorg.” 

Voor de volgende ronde van de verkiezing wacht haar een uitgebreid traject met opdrachten, video’s en motivatiebrieven. Alles moet voor 1 juli worden aangeleverd. In september wordt bekend welke drie docenten per sector doorgaan naar de finale. Op 5 oktober wordt de winnaar bekendgemaakt tijdens Het Lerarencongres.  

Of Merve zichzelf al ziet winnen? Daar blijft ze bescheiden onder. “In de top 10 zitten vind ik al een overwinning en een eer. Dat betekent al heel veel voor me.”

 

Lees ook de column van journalist Janet de Vos over haar nominatie in AD Groene Hart.

Daling cijfers voortijdig schoolverlaten in regio’s mboRijnland 

Positieve ontwikkeling zichtbaar in regionale samenwerking en binnen onderwijsinstelling 

De voorlopige cijfers van Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) over schooljaar 2024–2025 laten zien dat het percentage van studenten die voortijdig stoppen met hun opleiding (VSV) verder daalt in de regio’s waarin mboRijnland actief is. In drie van de vier regio’s waar mboRijnland onderwijs aanbiedt – Utrecht, Zuid-Holland Noord en Haaglanden – daalde het totale VSV-percentage ten opzichte van vorig jaar. Ook binnen mboRijnland zet de dalende trend door. 

Saskia Schenning, bestuurslid mboRijnland: “We zijn enorm blij dat de VSV-cijfers in onze regio’s een daling laten zien. We doen in samenwerking met onze partners alles om onze studenten zo goed mogelijk te begeleiden tijdens hun opleiding en hen te behouden voor het onderwijs.”

mboRijnland neemt deel aan vier regionale programma’s Voortijdig Schoolverlaten en Duurzaam Werk: in Utrecht, Zuid-Holland Oost, Zuid-Holland Noord en Haaglanden. Binnen deze samenwerkingen werken onderwijsinstellingen, gemeenten, Doorstroompunten en arbeidsmarktregio’s gezamenlijk aan het voorkomen van schooluitval en het begeleiden van jongeren naar onderwijs, werk en een duurzame toekomst.

Sterke regionale resultaten

De regionale cijfers laten zien dat alle vier de regio’s beter of vergelijkbaar presteren met het landelijke gemiddelde van 2,29 procent. Vooral de mbo-resultaten laten een duidelijke verbetering zien: in alle vier de regio’s daalde het VSV-percentage binnen het mbo ten opzichte van vorig jaar. 

Zuid-Holland Oost, Zuid-Holland Noord en Utrecht behoren bovendien tot de vijf best presterende regio’s van Nederland. Haaglanden liet van de vier regio’s de grootste daling zien binnen het mbo, met een afname van 0,69 procentpunt. 

Positieve ontwikkeling binnen mboRijnland 

Ook mboRijnland zelf laat opnieuw een duidelijke daling zien van het aantal voortijdig schoolverlaters. Het totale VSV-percentage (mbo en vavo samen) daalde van 6,50 procent in 2023–2024 naar 5,77 procent in 2024–2025. Daarmee zet mboRijnland de positieve lijn van de afgelopen jaren voort. In twee jaar tijd daalde het percentage met ruim 1,2 procentpunt. 

Binnen het mbo daalde het percentage van 6,47 naar 5,74 procent. Ook binnen het vavo is een daling zichtbaar: van 7,09 naar 6,43 procent. Intensieve begeleiding van studenten, een positief pedagogisch klimaat en sterke regionale samenwerking dragen bij aan deze positieve ontwikkeling. 

Samenwerking maakt verschil 

De regionale programma’s richten zich op het voorkomen van uitval én het bieden van perspectief aan jongeren. Daarbij wordt samengewerkt aan doorlopende leerlijnen, overstapbegeleiding en ondersteuning richting werk of vervolgonderwijs. 

Daarnaast investeert mboRijnland in begeleiding binnen de school, onder andere via jongerenwerkers, schoolpsychologen, overstapcoaches en aanvullende ondersteuning vanuit het regionaal programma. Speciale aandacht blijft nodig voor jongeren in een kwetsbare positie, zoals studenten van de entreeopleidingen.

De voorlopige cijfers bevestigen dat de gezamenlijke aanpak van onderwijsinstellingen, gemeenten en regionale partners bijdraagt aan het terugdringen van voortijdig schoolverlaten en het versterken van kansen voor jongeren in de regio.

Herbenoeming drie leden Raad van Toezicht

Op 1 september 2026 loopt de eerste benoemingstermijn van vier jaar af van Kathelijne van Kammen, Charina Ori en Nur Nurmohamed als lid van de Raad van Toezicht van mboRijnland. Samen met Bram de Klerck (voorzitter) en Jeffrey van Meerkerk (lid) vormen zij de Raad van Toezicht van mboRijnland. Zij worden alle drie benoemd voor een tweede termijn. 

De Remuneratiecommissie van de Raad van Toezicht heeft bij deze drie leden en het College van Bestuur geïnformeerd naar de bereidheid tot, en het draagvlak voor, een herbenoeming voor een tweede termijn tot 1 september 2030. Zowel de drie leden als de Remuneratiecommissie zelf en het College van Bestuur zijn positief. De leden willen hun werkzaamheden graag nog een tweede termijn voortzetten.

Bram de Klerck, voorzitter van de Raad van Toezicht en de Remuneratiecommissie: “Samen met Jeffrey van Meerkerk, het andere lid van de Remuneratiecommissie, sta ik honderd procent achter deze herbenoeming. Het zijn de goede mensen op het goede moment.”

Frans Möhring, voorzitter College van Bestuur: “Als CvB zijn Saskia, Ron en ik verheugd dat deze drie mensen herbenoemd worden. Het is fijn om met dit team weer een aantal jaren vooruit te kunnen. De herbenoeming van Kathelijne van Kammen, Charina Ori en Nur Nurmohamed waarborgt de continuïteit en stabiliteit van het interne toezicht op het College van Bestuur.”

Foto Vlnr: Kathelijne van Kammen, Nur Nurmohamed, Charina Ori

Herbenoeming Saskia Schenning als lid College van Bestuur mboRijnland

Saskia Schenning is door de Raad van Toezicht herbenoemd als lid van het College van Bestuur van mboRijnland. Haar eerste benoemingstermijn van vijf jaar loopt af op 1 augustus 2026. Op voordracht van de Remuneratiecommissie van de Raad van Toezicht is besloten haar voor een nieuwe periode van vijf jaar te benoemen, tot 1 augustus 2031.

De Remuneratiecommissie heeft zowel bij Saskia Schenning als bij haar beide directe collega’s en de leden van de Raad van Toezicht geïnformeerd of er bereidheid en draagvlak is voor haar herbenoeming. Hieruit bleek dat er brede steun is voor haar voortzetting als bestuurslid. Saskia is een belangrijke factor in het waarborgen van de continuïteit van het beleid binnen het College van Bestuur, na het vertrek van zowel bestuurslid Oege de Jong als bestuursvoorzitter Otto Jelsma in 2025.

Bram de Klerck, voorzitter Raad van Toezicht: “Saskia heeft laten zien dat ze van grote waarde is in de ontwikkeling van flexibel onderwijs, de verbetering van onze onderwijskwaliteit, de kwaliteitscultuur, studentenwelzijn en internationalisering. We zijn blij dat Saskia bereid is om haar werkzaamheden als bestuurslid nog eens vijf jaar voort te zetten en wensen haar veel succes toe.”

Saskia Schenning: “Ik kijk met veel plezier uit naar het voorzetten van mijn werk bij mboRijnland samen met Frans en Ron en alle andere collega’s. Ik bedank de Raad van Toezicht voor het in mij gestelde vertrouwen.

ExpoBieb Zoetermeer open voor uitleen slimme hulpmiddelen

De ExpoBieb in Zoetermeer is officieel open: een laagdrempelige ontmoetingsplek in de wijk waar inwoners, mantelzorgers en welzijns- en zorgprofessionals slimme hulpmiddelen kunnen ontdekken, uitproberen én lenen om langer veilig en zelfstandig thuis te wonen. Op dinsdag 7 april vond de feestelijke opening plaats. 

De ExpoBieb is ontstaan vanuit concrete vragen uit Zoetermeer, vertelt Arianne Riedijk, docent mboRijnland en projectleider van het Experimenteerhuis. “In het Experimenteerhuis maken studenten, zorgprofessionals en bewoners kennis met verschillende hulpmiddelen. In contact met bewoners ontstond de wens om nog dichter bij huis kennis te maken  met zorgtechnologie. Dat leidde tot de Expobike, een bakfiets gevuld met hulpmiddelen die de wijk ingaat. Vervolgens bedachten we dat het nog mooier zou zijn als inwoners de hulpmiddelen zelf kunnen uitproberen. Alle partijen stonden daarvoor open en de ExpoBieb was een feit.”

De ExpoBieb is een initiatief van Palet Welzijn, InZet, mboRijnland, Samen Zoetermeer Gezond, de gemeente Zoetermeer, CIV Welzijn & Zorg, Thuisleef Groep, Jong Senioren, EerstelijnsZorg Zoetermeer en ZonMw. In deze brede samenwerking komen zorg, welzijn en onderwijs samen met één doel:inwoners van Zoetermeer ondersteunen in hun zelfredzaamheid.

Ontdekken, proberen en lenen

Bezoekers kunnen de hulpmiddelen niet alleen bekijken, maar ook uitproberen en lenen. Denk aan slimme technologieën die ondersteunen bij wonen, bewegen en veiligheid in huis, zoals de interactieve knuffelkat Ginger, een druppelbril of een saturatiemeter die met een vingersensor het zuurstofgehalte in het bloed meet. Op expobieb.nl staan alle uitleenproducten en kun je via het boekingssysteem hulpmiddelen reserveren om te lenen.

Tijdens spreekuren krijgen bezoekers persoonlijke uitleg. “Dat doen we op maandag in Oosterheem en dinsdag in Rokkeveen, samen met vrijwilligers,” vertelt Aroena Lala, coördinator van de ExpoBieb. “We hebben zo’n 20 verschillende producten. Mensen kunnen de hulpmiddelen uitproberen en mee naar huis nemen. Zo kunnen inwoners in hun eigen thuissituatie ervaren wat voor hen werkt. Dat helpt vooral mensen die nog niet precies weten waar ze naar op zoek zijn, maar wel hun zelfstandigheid willen vergroten.”

Samenwerking over grenzen heen

Volgens Bertine Spijkers, directeur-bestuurder van InZet, zit de kracht van de ExpoBieb in de samenwerking: “Vaak zie je dat iedereen binnen zijn eigen domein blijft. Er gebeuren mooie initiatieven, vooral binnen de eigen organisaties. Dit initiatief laat zien wat er gebeurt als je over grenzen heen samenwerkt. Ik hoop dat deze samenwerking een beweging in gang zet en dat we met elkaar zorgen voor betekenis van leven, waardoor mensen zo lang mogelijk in hun eigen huis kunnen wonen.”

Leren en experimenteren

Ook onderwijs speelt een belangrijke rol. Studenten worden actief betrokken bij de ExpoBieb. Rowan Croon, stagiair bewegingstechnologie bij het Experimenteerhuis en student aan De Haagse Hogeschool, gaat ook ondersteuning bieden tijdens spreekuren. “Ik help inwoners om de technologie te begrijpen en samen te kijken wat het beste bij hen past.”

Volgens Daphne Francino, teamleider bij InZet en manager bij Palet Welzijn, draait het om vertrouwen en ervaring: “Met de ExpoBieb laten we zien dat langer zelfstandig thuis wonen niet alleen wenselijk is, maar ook haalbaar. Door inwoners zelf te laten ervaren wat er mogelijk is, vergroten we hun zelfredzaamheid én het vertrouwen om nieuwe oplossingen te gebruiken. Dat is winst voor inwoners én voor de zorg.”

Inloop
InZet Oosterheem, Zanzibarplein 5, Zoetermeer
Iedere maandag van 10.00 tot 12.00 uur

InZet Rokkeveen, Nathaliegang 79, Zoetermeer
Iedere dinsdag van 10.00 tot 12.00 uur

Kijk voor meer informatie en uitleen op www.expobieb.nl

Succesvolle start internationale schakelklas voor jongeren 16+

In Leiden groeit de instroom van leerlingen voor de internationale schakelklas (ISK). De jongeren vanaf 16 jaar krijgen les bij mboRijnland. Om voor deze specifieke groep jongeren goed onderwijs te kunnen verzorgen, werkt mboRijnland nauw samen met het Da Vinci College ISK, gemeente Leiden en arbeidsmarktregio Holland Rijnland.  

Maatschappelijke rol 

mboRijnland is blij om in Leiden invulling te kunnen geven aan zijn maatschappelijke rol door jongeren onderwijs te geven, die nieuw zijn in Nederland zijn. In Zoetermeer verzorgt de mbo-instelling al jaren onderwijs aan nieuwkomers van 16 jaar en ouder. mboRijnland vindt het belangrijk dat jongeren in Nederland gelijke kansen krijgen op het gebied van onderwijs en stages om straks een passende en duurzame plek in vervolgonderwijs en op de arbeidsmarkt te vervullen.   

Mirjam Manni, onderwijsdirecteur College Start-Up mboRijnland: “Na een succesvolle start begint vandaag een tweede groep van vijftig ISK-leerlingen bij ons. We heten de jongeren van harte welkom en wensen hun een goede tijd. We ondersteunen en begeleiden hen zo goed mogelijk bij het leren van de Nederlandse taal en straks bij het vervolgonderwijs. Zo bouwen we samen met onze partners aan een inclusieve samenleving met gelijke kansen voor iedereen.”  

Gelijke kansen voor alle kinderen 

De samenwerking met Da Vinci College ISK, gemeente Leiden en arbeidsmarktregio Holland Rijnland versterkt het regionale netwerk en verbetert de doorstroommogelijkheden voor deze leerlingen. De nieuwe locatie creëert ruimte voor maatwerk en flexibele instroomroutes, waardoor mboRijnland beter kan aansluiten bij de specifieke behoeften van ISK-leerlingen.  

De Leidse wethouder Abdelhaq Jermoumi (Kansengelijkheid, Jeugd en Onderwijs): “We mogen ons in Leiden gelukkig prijzen met scholen als mboRijnland en Da Vinci Scholengroep die het ISK-onderwijs organiseren voor leerlingen in Leiden die wonen in een AZC. Ik vind het belangrijk dat alle kinderen, waar zij ook vandaan komen, de kans krijgen om hun talenten tot ontwikkeling te laten komen. In deze ISK-klas kunnen de leerlingen de Nederlandse taal verder leren en aan hun toekomst werken. Ik ben trots op de samenwerking met al deze partijen die het aangedurfd hebben om dit nieuwe aanbod in korte tijd te ontwikkelen en op te zetten. Zo bieden we met elkaar gelijke kansen voor álle kinderen en bouwen we samen aan een stad waarin iedereen mee kan doen.” 

Passende onderwijsplek 

Regio Holland Rijnland staat voor de uitdaging om voldoende onderwijsplekken te realiseren voor anderstalige nieuwkomers van 16 jaar en ouder. De bestaande ISK-scholen, waaronder Da Vinci College ISK en ISK Duin- en Bollenstreek, erkennen dat door de toenemende vraag meer onderwijsplekken nodig zijn voor deze groep leerlingen. Een 16+ locatie sluit goed aan bij de behoeften van deze groep en stelt de scholen in staat zich sterker te specialiseren in passend onderwijs, met daarbij specifieke aandacht voor hun sociaal-emotionele ontwikkeling. 

Maartje Couck, plaatsvervangend directeur Da Vinci College ISK: ‘We zijn blij dat we meer leerlingen een goede passende onderwijsplek kunnen bieden door het creëren van extra onderwijsplaatsen bij mboRijnland. Leerlingen van 16 jaar en ouder hebben wat anders nodig dan leerlingen van 12 jaar: ze zijn al verder in hun sociaal-emotionele ontwikkeling en hebben baat bij meer stages en praktijkvakken. Hier kan het mbo goed op inspelen en ook genoeg ruimte blijven bieden aan het ontwikkelen van de basisvaardigheden. Door deze samenwerking kunnen we ook NT2-talent in de regio meer behouden.’ 

Soepele overgang vervolgonderwijs 

Met dit initiatief vergroten de betrokken partijen het aantal onderwijsplekken en wordt de overgang naar vervolgonderwijs soepeler. Zo ontstaat een leeromgeving die beter aansluit bij de ontwikkelingsfase van deze doelgroep. Bovendien breidt mboRijnland met deze ISK-locatie de NT2-expertise van de onderwijsprofessionals uit. 

Week van het Ondernemen inspireert studenten bij hun volgende stap

Afgelopen week stond mboRijnland locatie Lammenschans in het teken van ondernemerschap tijdens de Week van het Ondernemen. Van maandag 23 tot en met donderdag 26 maart namen rond de 1000 studenten deel aan een veelzijdig programma in LLokaal met inspirerende workshops en gesprekken met jonge ondernemers. De week sloot af met een startersmarkt en Meet & Greet met jonge ondernemers.  

Zouhair el Atmioui, docent Marketing & Sales op locatie Woerden, bezocht met zijn studenten zowel maandag als donderdag de activiteiten in Leiden. “Mijn studenten staan op een kruispunt in hun leven,” vertelt hij. “Ze vragen zich af: ga ik straks werken, doorleren of een eigen bedrijf starten? En wat is daarvoor nodig? De ondernemers die hier aanwezig zijn, hebben diezelfde vragen gehad en dezelfde stappen doorlopen. Ze kunnen vanuit hun eigen ervaring het beste antwoord geven op deze vragen.”

 

Workshops en waardevolle ontmoetingen
Van maandag tot en met donderdag was een afwisselend programma-aanbod. Studenten bezochten workshops als ‘Kun je rijk worden door hard skills?” en ‘Online impact’ en gingen in gesprek met mbo’er Jamal Lachkar die meerdere eigen bedrijfjes startte en studenten inspireert en helpt met het opzetten van een eigen bedrijf. Donderdag startte met nieuwe workshoprondes, gevolgd door een afsluitende Meet & Greet in de middag. Tijdens deze sessie gingen studenten in gesprek met jonge ondernemers uit diverse sectoren. Er werd open gesproken over kansen, uitdagingen, do’s en don’ts van het ondernemerschap, en er was volop ruimte om te netwerken en ervaringen uit te wisselen.

Voor Lars Amersfoort (18), derdejaars student International Business Studies in Woerden, was de dag waardevol. Naast zijn studie runt hij al een eigen onderneming in verpakkings- en beschermingsmaterialen voor de industriële, maritieme en transportsector. “Ik heb leuke gesprekken gehad, mensen ontmoet en genetwerkt,” vertelt hij. “Ook is mijn interesse gewekt voor de zorgsector, waar misschien kansen liggen voor mijn bedrijf.”

Ontdekken wat je wilt en kunt
Niet alle studenten hebben hun plannen al zo concreet als Lars. Veel deelnemers bevinden zich nog in de ideeën- of opstartfase. Juist zij konden tijdens de Week van het Ondernemen in aanraking komen met het ontdekken en ontwikkelen van ondernemende vaardigheden en onderzoeken wat bij hen past.

Tijdens de afsluiting vroeg medeorganisator Sander Kuin  van PLNT Leiden de ondernemers welk gesprek hen het meest was bijgebleven. “Ondanks dat studenten zeggen dat ze niet weten wat ze willen, blijkt in gesprekken dat ze dat vaak toch wel doen,” was de reactie van één van de ondernemers. Een andere ondernemer vertelde zelfs mogelijk samen te gaan werken met een van de studenten. Sander sloot de week af met een duidelijke boodschap aan de studenten: “Weet dat je gezien bent, er wordt naar je geluisterd, je doet ertoe.”

Voor de studenten is ter voorbereiding en afsluiting van Week van het Ondernemen een game ‘Onderneempad’ ontwikkeld. Met een week vol mooie workshops, inspiratie, nieuwe inzichten en waardevolle contacten kijken zowel de organisatoren, studenten en docenten terug op een geslaagde editie van de Week van het Ondernemen.

De Week van het Ondernemen werd georganiseerd door de Community van mboRijnland en PLNT Leiden met medewerking van een aantal ondernemers zoals bv. Life after School en CareerSkills.

Duurzaamheidslessen over voeding voor studenten Kok en Boulanger bij The Field in Leiden

Deze week is de Week van de circulaire economie. Door heel Nederland heen wordt aandacht besteed aan circulaire oplossingen en duurzaam ondernemen. Terwijl ons systeem draait om meer, sneller en efficiënter, en we de aarde én onszelf in hoog tempo uitputten, zijn er gelukkig ook mensen en initiatieven die laten zien hoe het anders kan.

Dat ervaarden onze eerstejaars studenten van de opleidingen Kok en Bakker tijdens een praktijkdag met workshops over ‘De toekomst van ons eten’ in The Field in Leiden. The Field is een broedplaats voor duurzame en circulaire innovaties. Een plek waar mensen elkaar ontmoeten, ideeën ontstaan én worden uitgevoerd. Ook worden workshops gegeven aan geïnteresseerden.

Hergebruik van afgeschreven groente

De dag begint met een gezamenlijke opening, waarna de studenten in twee groepen worden verdeeld en verschillende workshops volgen. In de ene workshop leren ze onder begeleiding van Stijn van ‘The Waste to Success’ een lekkere lunch te bereiden van zelfgebakken taco’s met een tomatengroentesaus. Hiervoor worden afgeschreven groenten gebruikt die niet meer verkocht kunnen worden, maar nog wel prima smaken. The Waste to Success hergebruikt deze gebutste tomaten, uien en zoete aardappelen voor kookworkshops met jongeren om hen bewust te maken van een duurzaam gebruik van producten en grondstoffen. Duidelijk is dat deze groenten niet weggegooid hoeven worden, maar dat er prima mee gekookt kan worden en nog lekker smaken ook!

Biologische groente is duur

Abanob (19 jaar), eerstejaars student Kok, is druk bezig deeg te kneden voor de taco’s. Hij werkt drie dagen per week in een restaurant in Den Haag. Hij let niet zo vaak op duurzaamheid als hij boodschappen doet: “Biologische groenten zijn vaak duur in de winkel”, voert hij aan als argument. “Misschien dat ik er na deze dag wel meer op ga letten, ik ben benieuwd”, zegt hij.

Een andere student is wat minder positief over duurzaamheid. “Het helpt niks als wij het enige land zijn dat aan duurzaamheid doet. In Duitsland mogen de auto’s zo ontzettend hard rijden, wat heeft het dan voor zin dat wij hier in Nederland daarop letten?”, zegt ze, terwijl ze uien aan het snijden is.

In de andere workshop nemen de studenten deel aan een interactieve sessie over de toekomst van ons eten. Door middel van stellingen, een quiz en het maken van een voedseltijdlijn denken ze na over hoe ons voedselsysteem zich heeft ontwikkeld en hoe dit er in 2050 uit zou kunnen zien.

Oesterzwammen op koffiedik

’s Middags leren de studenten van de Funghi Factory hoe ze oesterzwammen kunnen kweken op koffiedik – een circulaire toepassing die laat zien hoe afval een grondstof kan worden. In de twee weken na het bezoek volgen de studenten nog twee theoretische lessen over duurzaamheid en voeding in de klas. Deze lessen gaan over biodiversiteit, klimaatburgerschap en gedragsverandering.

Owen Roberts, docent bij de opleiding Boulanger en lid van de werkgroep Duurzaamheid bij mboRijnland: “Ik vind dat in de opleiding meer aandacht moet zijn voor duurzaamheid. Ik las dat stichting Technotrend daarbij kon helpen, dus heb gevraagd of ze ons konden helpen. Daar zijn deze praktijk- en theorielessen uit ontstaan. Ik vind duurzaamheid belangrijk omdat het over het welzijn van de mensen en de natuur gaat. De lessen hebben wat meer bewustzijn gebracht over wat duurzaamheid betekent, zowel bij de studenten als bij docenten.”

Cargill en mboRijnland starten samenwerking in Gouda

Eerstejaars studenten van de opleiding Mechatronica van mboRijnland krijgen vanaf donderdag 5 maart praktijkles op de werkvloer bij Cargill in Gouda. Met deze nieuwe samenwerking wordt onderwijs en bedrijfsleven met elkaar verbonden. De samenwerking is mede mogelijk gemaakt door Censes Education en het Centrum voor Innovatief Vakmanschap (CIV) Smart Technology. 

Na een eerste positieve verkenning zijn de mogelijkheden onderzocht om onderwijs en bedrijfsleven dichter bij elkaar te brengen. Cargill Gouda, waar ruim 300 medewerkers werken aan de productie van halffabricaten op basis van natuurlijke grondstoffen, heeft een duidelijke behoefte aan technisch opgeleide vakmensen. Op basis van die gezamenlijke ambitie ontwikkelden Cargill en mboRijnland leeractiviteiten waarin theorie en praktijk elkaar versterken.

De komende weken maken studenten kennis met technische installaties en processen op de werkvloer en krijgen ze inzicht in de projecten en werkzaamheden van vakmensen binnen het bedrijf. Daarnaast zijn er gesprekken met medewerkers in alle lagen van de organisatie waardoor studenten een realistisch beeld krijgen van de carrièremogelijkheden na hun opleiding.

Concreet en motiverend
Met deze nieuwe samenwerking laat Cargill studenten in een vroeg stadium kennismaken met het bedrijf en de technische omgeving, zodat een continue stroom van goed opgeleide mensen op de arbeidsmarkt komt. Niet alleen voor Cargill zelf, maar ook voor andere technische bedrijven in de regio.

“Het mooie aan deze samenwerking is dat onderwijs en praktijk hier echt samenkomen. Studenten leren bijvoorbeeld over een elektromotor in de les en kunnen die vervolgens meteen in het echt zien en begrijpen hoe het in een bedrijf werkt. Dat maakt leren niet alleen concreter, maar ook motiverender,’ aldus Robert Krens, docent Mechatronica  en Smart Technology bij mboRijnland.

In januari kreeg de eerste groep studenten Mechatronica al een rondleiding door het bedrijf. Op donderdag 5 maart vond de eerste praktijklesdag plaats. Tijdens deze les maakten studenten uitgebreid kennis met wisselspanning en omzetting en de toepassingen in een industriële omgeving.

Censes Education, ontwikkelaar van opleidingen, trainingen en programma’s om de kloof tussen mbo-onderwijs en het bedrijfsleven te verkleinen, is vanaf het begin betrokken bij de samenwerking. Krijn Jansen, directeur van Censes Education is blij met de samenwerking; “Actueler, relevanter én leuker onderwijs, waarbij niet alleen de studenten leren in de context waarvoor zij worden opgeleid, het is ook leerzaam voor docenten en er zijn kansen voor de ontwikkeling en het verbeteren van het onderwijs. Daar doen we het allemaal voor.”