‘Ga niet op zoek naar goed of fout, maar kijk wat de student nodig heeft’

Lancering StageHeld een feit: een interactieve leermodule die onderwijsprofessionals helpt signalen te herkennen, het gesprek aan te gaan en studenten beter te ondersteunen. 

Stagediscriminatie is vaak subtiel en moeilijk te herkennen, maar kan grote gevolgen hebben voor studenten. Sara Giethoorn, projectleider Diversiteit en Inclusie bij mboRijnland, onderzocht hoe studenten stagediscriminatie ervaren en waar onderwijsprofessionals tegenaan lopen in het herkennen en aanpakken ervan. Met de resultaten ontwikkelde ze StageHeld, een interactieve leermodule die onderwijsprofessionals helpt signalen te herkennen, het gesprek aan te gaan en studenten beter te ondersteunen. 

Van observatie naar onderzoek

Als docent zag Sara dat sommige studenten moeiteloos een stageplek vonden, terwijl anderen keer op keer werden afgewezen. Vooral studenten met een migratieachtergrond hadden soms grote moeite om op gesprek te komen. De opeenstapeling van afwijzingen deed bovendien iets met hun zelfvertrouwen. “Studenten gingen na veel afwijzingen aan zichzelf twijfelen, terwijl er mogelijk veel meer speelde dan alleen hun motivatie of sollicitatievaardigheden.” 

Dat was voor Sara aanleiding om tijdens haar master Pedagogiek onderzoek te doen naar stagediscriminatie. Ze sprak met studenten en onderwijsprofessionals van mboRijnland en onderzocht hun ervaringen.  

De uitkomsten bevestigden haar vermoedens en zorgen. Ongeveer 20 procent van de bevraagde mboRijnland-studenten gaf aan discriminatie tijdens hun stage te ervaren of dit te vermoeden. Landelijk ligt dit percentage rond de 25 procent. Sara voelde dat ze graag iets wilde doen tegen stagediscriminatie.  

Van onderzoek naar StageHeld

Daarom ontwikkelde ze de interactieve leermodule StageHeld samen met ontwerpers van de Haagse Aanpak Gelijke Stagekansen. De module bestaat uit vier onderdelen en helpt onderwijsprofessionals om stagediscriminatie te herkennen en erkennen, het bespreekbaar te maken en een constructief gesprek te voeren met de student.  

De combinatie van wetenschappelijke kennis en praktijkvoorbeelden maakt de module toegankelijk en concreet. “Ik hoop dat elke onderwijsprofessional na het doorlopen van deze leermodule het gevoel heeft: ik ben bekwaam genoeg om het gesprek te voeren en kan de student ondersteunen”, vat Sara samen.  

‘Studenten noemen het niet snel discriminatie’

Stagediscriminatie is lang niet altijd duidelijk herkenbaar. Het gaat vaak om subtiele signalen van een werkgever, een andere behandeling of een gevoel bij de student dat iets niet klopt. 

Studenten benoemen hun ervaringen in eerste instantie vaak niet als discriminatie, ontdekte Sara. Pas toen ze samen het hele proces doorliepen – van sollicitaties tot de stage-ervaring – ontstond regelmatig een ander beeld. “Studenten werden zich gaandeweg bewuster wat hen was overkomen en dat ze misschien toch anders waren behandeld dan medestudenten.” 

Toch stappen studenten niet snel naar een docent of stagebegeleider, ze zijn bang dat een melding gevolgen heeft voor hun stage, beoordeling of opleiding.  

Onbewuste vooroordelen en ander referentiekader

Een belangrijke rol ligt daarom bij de onderwijsprofessional, volgens Sara. Maar ook daar is herkenning niet vanzelfsprekend. Uit Sara’s onderzoek bleek dat professionals dezelfde situatie verschillend kunnen beoordelen. “Iedereen kijkt vanuit zijn of haar eigen referentiekader. Alle informatie die je binnenkrijgt, filter je met je eigen ervaring, je eigen waarden en je eigen emoties.” 

Onbewuste vooroordelen en een ander referentiekader zorgen ervoor dat signalen worden gemist. Vrijwel alle collega’s erkenden in de gesprekken met Sara dat discriminatie voorkomt. De vraag of het ook in hun eigen klas gebeurde, werd verschillend beantwoord. Sommigen waren overtuigd dat stagediscriminatie bij hen niet voorkwam. Anderen vermoedden van wel, maar herkenden de signalen niet. 

Niet eerst bewijzen, maar eerst luisteren

Sara wil met StageHeld precies daarin verandering brengen. Haar belangrijkste boodschap: onderwijsprofessionals hoeven niet eerst vast te stellen of iets zwart-wit discriminatie is, het is belangrijk dat ze naast de student gaan staan en kijken wat de student nodig heeft.  

Ook als achteraf niet met zekerheid kan worden vastgesteld dat sprake was van discriminatie, is het gevoel van de student echt. En dat gevoel kan invloed hebben op welzijn en gedrag. “Het gevoel van de student mag er gewoon zijn. Het gaat erom dat de student zich gezien en gehoord voelt. De volgende stap van de onderwijsprofessional is om samen te onderzoeken: wat de student nodig heeft om verder te kunnen”, licht Sara toe. 

De student niet alleen laten staan

Het is belangrijk om per situatie te kijken wat een student nodig heeft. Hoor en wederhoor blijven essentieel. Soms kan een gesprek met een werkgever voldoende zijn om een situatie te herstellen. Maar als een werkgever niet wil veranderen, moet de school naast de student blijven staan. De onderwijsprofessional heeft volgens Sara een belangrijke rol als vangnet tussen de student en de werkgever. 

Bewustwording als eerste stap

mboRijnland werkt actief aan gelijke stagekansen voor alle studenten. De organisatie heeft het Stagepact ondertekend en werkt onder meer aan goede begeleiding, voldoende stageplekken, passende stagevergoeding en het tegengaan van stagediscriminatie. Ook zijn er procedures, stappenplannen en hulpmiddelen ontwikkeld en kunnen studenten terecht bij het interne Meldpunt stagediscriminatie. 

De bekendheid met het meldpunt is de afgelopen jaren sterk toegenomen. Toch betekent dit niet automatisch dat studenten een melding doen. Schaamte, onzekerheid en angst voor gevolgen blijven een rol spelen. 

Niet wegkijken uit onzekerheid

Sara weet dat stagediscriminatie niet van de ene op de andere dag verdwijnt. Wel kunnen professionals leren hoe ze ermee omgaan. “Ik hoop dat studenten eerder gaan ervaren dat ze serieus worden genomen en dat onderwijsprofessionals niet wegkijken uit onzekerheid. Helaas komt discriminatie voor. Ik zou willen hopen dat het verdwijnt, maar dat is een utopie. We kunnen er wel voor zorgen dat we weten hoe we ermee om moeten gaan.” 

Uiteindelijk draait het voor Sara om één ding: een student die naar een docent of stagebegeleider stapt moet het gevoel hebben: ‘Ik word serieus genomen en ik word goed geholpen.’ Dat is wat ik met de leermodule StageHeld wil bereiken.”